Het huis van Dijkstra
Vroeger was het heel gewoon dat je vanuit je werk een biertje of een borrel ging halen, zo ook in Noordhorn, daar waren drie kroegen het volk ging meestal van de een naar de ander maar de meesten hadden toch hun vaste stamkroeg.
Zo kwam er altijd een oud manneke in de kroeg die ging altijd naar alle veemarkten en wist altijd alles. Hij had nogal eens de neiging de jeugd de les te lezen tot dat hij van een koude kermis thuis kwam.
Maandagmiddag lekker vol in de kroeg en daar kwam de oude man aangelopen, opgepast jongens zei de kastelein daar komt dat oude wijf weer, nieuwsgierig Aagje.
Goedemiddag, zei de man, ja moi zeiden de gasten, schuif maar aan zei de kastelein wring je er maar tussen. Een borreltje? Ja, lekker hoor hij grijnsde wat naar de jongens, en nam een teug van zijn borrel. Er zaten nogal wat grappenmakers aan de tafel en het kon ook niet uitblijven dat er wat ging gebeuren de spanning zat in de lucht.
Ineens zei de kastelein, hebben jullie het al gehoord van “het huis van Dijkstra”jongens? Ja, zei er een die de kastelein gelijk door had, die is met zijn mooie dochters verhuisd naar Appelscha. Appelscha? Zei de kastelein ik dacht dat hij naar Bakkeveen ging. Wat is dat zei de oude baas Dijkstra???? Welke Dijkstra, nou zei die ene gast die met zijn mooie dochter, ja zei de kastelein je weet wel even verderop buiten het dorp.
De oude baas krabbelde zich es achter zijn oor de pet kwam scheef op zijn kop en ruste met zijn handen op zijn stok, sloeg nog een borrel naar binnen. Dijkstra mompelde hij welke Dijkstra???? Ja zei nog een ander die met zijn mooie witte hondje. De oude baas ging betalen en zei bij de tapkast, welke Dijkstra bedoel je nou? Die naar Appelscha is verhuisd zei de kastelein met zijn mooie dochters! Snap er niks van zei de man en ging mompelend naar huis.
Toen hij halverwege de straat was begonnen de mannen aan stamtafel te lachen. Zo die hebben we er mooi tussengenomen, die blijft de hele dag misschien wel de hele nacht nadenken, wie die Dijkstra is. We kennen helemaal geen Dijkstra maar laat hem maar in die waan.
Toen de oude baas thuis was vroeg hij aan zijn vrouw weet jij dat ze hebben het over Dijkstra die verhuist is naar Appelscha maar welke Dijkstra is dat dan? Maak je niet druk zei zijn vrouw. Ik weet het niet, en jij hoeft niet alles te weten.En toch wil ik het weten zei de man, en weg was hij, smeet de deur achter zich dicht en ging naar een van de andere cafés, en daar vroeg hij de mensen het hemd van het lijf, maar die wisten helemaal niet waar hij over had, teleurgesteld ging hij naar huis omdat hij niet wist welke man ze nou bedoelden.
Dat hebben ze ongeveer 6 weken volgehouden toen de oude man het hoorde sloeg hij woest op de tafel en ging kwaad weg, oh ja zei een van de gasten voordat hij de deur dicht trok, “je, moet de groeten hebben van Dijkstra”, Barst Jij met je Dijkstra zei de oude man en weg was hij, pas 3 maanden later kwam hij es weer een kijkje nemen in het café, ze hebben het er nooit weer over gehad maar hij vroeg de jongens ook weinig meer
En zeker niet weer over DIJKSTRA.
De voddenboer in de fout……
Vroeger waren er in alle kleine dorpjes op het Groningse platteland allerlei ambachten die tegenwoordig helemaal verdwenen zijn, zo was er in ons dorp ook een mannetje die oud papier op hield en vodden en allerlei dingen zoals groenten aan de man bracht.
In dezelfde periode was de rock and roll opmars, zo ook in dit dorp en stonden er in de meeste kroegen wel een Juke Box.
En als er een nieuw plaatje uitkwam dan werd die helemaal grijs gedraaid en moest natuurlijk behoorlijk hard. Onze voddenboer was niet een van de slimste onder ons, en was behoorlijk driftig aangelegd maar was verder wel een goede man die wel weer veel geplaagd werd door de jeugd.De kastelein die vroeger zijn buurjongen was had al menig kind gewaarschuwd maak de man niet boos want hij kan zijn eigen krachten niet.
Maar toen kwam het de voddenboer die heette: “Doede” , en op een maandagmiddag reed ie met z’n bakfiets door het kleine straatje richting de hoofdweg en passeerde de kroeg, daar was een stuk muziek en iedereen zong mee het was dik feest in de kroeg, maar wat hoorde Doede daar scholden ze hem uit???? Hij hoorde het nog een keer ja hoor ze zongen van “GEKKE DOEDE, GEKKE DOEDE , GEKKE DOEDE.
Inmiddels kwam de kastelein even naar buiten die dacht dat Doede pech had, nou daar kwam ie aangestorm JIJ ,JIJ , JIJ en gaf hij de kastelein een geweldige dreun onder zijn kaken, die lag op de rug en zag even sterretjes, en riep van wat moet dat g………., de voddenboer helemaal overstuur die reed met een rotgang naar huis met z’n bakfiets.
De jongens in het café moeten we er achteraan kastelein nee zei die laat maar zitten hij weet niet beter de bladeren vallen van de boom. Maar het doet wel zeer pffffff.
Die avond in het huis van de familie waar Doede woonde werd het eten opgeschept en de radio stond aan wat hoorde “Doede” daar? “GEKKE DOEDE, GEKKE DOEDE, GEKKE DOEDE”, hij begon zowat te huilen, oh, oh wat heb ik gedaan vanmiddag
Begon hij te jammeren, “Wat is er gebeurd dan, Doede ? zei zijn oude vader, hij vertelde het hele verhaal zijn vader was laaiend, je gaat maar naar je oude buurjongen en bied je excuus maar aan, en zeg maar dat je het verkeerd gehoord hebt.Doede ging met lood in zijn schoenen naar het café en ja hoor wat hoorde hij halverwege de straat “Wooly Bully, Wooly Bully, Wooly Bully”, de kastelein nam het sportief op en Doede gaf een paar rondjes, maar de kastelein heeft drie weken vla moeten eten.
Doede en de pastoor…..
Meestal ging Doede in de nazomer met allerlei groenten venten, en dat ging hem aardig af, totdat hij in het dorp verderop bij de pastoor aanbelde, dag meneer pastoor, dag Doede heeft uw vrouw nog bonen nodig meneer pastoor? Nee lachte de pastoor ik heb geen vrouw Doede ik ben getrouwd met de Kerk. Daar begreep Doede helemaal niets van, maar U vrouw heeft echt geen bonen nodig? Nee Doede, zei de pastoor nog een prettige dag en trok de deur dicht. Doede vervolgde zijn weg en keek es naar de kerk, hij krabbelde es achter zijn oor en deed zijn pet goed en stopte, zie ik dat wel goed???
Hij zette zijn bakfiets op de rem en holde terug naar de pastorie en belde weer aan, daar deed de pastoor open, Pastoor, pastoor uw vrouw gaat vreemd! Vreemd zei de pastoor die er niets van begreep, ja vreemd zei Doede de Timmerman zit boven op uw vrouw op mijn vrouw zei de pastoor iets geprikkeld, ja op Uw vrouw, U bent toch getrouwd met de kerk?
De pastoor schoot in de lach, Doede toch, dat is de timmerman die repareert het dak.
Dat is toch letterlijk, en niet figuurlijk, maar dat begreep Doede niet. Even later wist het hele dorp dat de vrouw van de pastoor vreemd ging met de timmerman...
Misdaad loont niet…..
Het was Sinterklaas avond ergens eind jaren 80 begin 90er jaren, de kastelein zat met zijn twee zoons en zijn vrouw in de kamer wat Sinterklaas te vieren, aan cadeautjes deden ze al lang niet meer, maar de zoons zaten natuurlijk wel te zeuren van krijgen we ook een cadeautje pa??? Hij bromde van “Misschien vannacht wel, zeur niet stelletje gekken”. Die woorden hebben hem achteraf nog lang geheugd. De mannen gingen tegen elf uur naar bed en het echtpaar ook, de jongens moesten s morgens weer vroeg aan het werk. Maar van dat werken kwam de volgende dag niet veel van terecht
.
’s Morgens om half vijf ging de deurbel van het café, en ineenkeer een gebrul we hebben inbrekers in de tent. Daar kwamen de heren als idioten in hun onderbroek en t shirt aangerent, de jongste was topfit en had net twee dagen van te voren een kickbokspartij gewonnen en was nog behoorlijk in vorm, de oudste was aan het werk in een magazijn van een supermarkt en trainde drie keer in de week fitnes en gooide meestal zijn lompe lichaam in de strijd. De kroegbaas stond al in de kroeg te brullen tegen de inbreker die helemaal overdonderd was van die aanstormende idioten. Maar de man zag de kans om naar buiten te komen hij sprong over een tafel (net een film) en ging via de achterdeur naar de buiten, de zoons gingen met de vader via de voordeur naar buiten om de inbreker de pas af te snijden, dat ging niet zonder slag of stoot, op de weg naar buiten raakte de jongste zijn vader met een elleboog (hij liep een beetje in de weg), de oudste riep van daar loopt die hufter, en ze doken als snoeken op het iele manneke, maar dat was ook niet een van de minsten, maar hij moest gauw het onderspit delven, de jongste trapte hem gelijk ondersteboven, en de kastelein had de inbreker al bij zijn haren te pakken voordat hij op de grond terecht kwam, hebbes vriend, zijn bril van de inbreker vloog een paar meter verderop de sloot in, de oudste zoon was net oom Dagobert die liep geld te zoeken wat de inbreker in de haast had verloren en wat eigendom van de kastelein was, achteraf had de man het hele huis al doorgezocht behalve de slaapkamers en maakte de fout de achterdeur van de kroeg los te maken waardoor de bel ging en de heren gewekt werden. Toen werd de inbreker aan zijn haren de kroeg ingesleurd en werd de politie gebeld, dat duurde bijna een uur voordat die paraat waren, en ondertussen waren de zoons de inbreker niet zo zachtzinnig aan het ondervragen wat hij had gestolen en waar hij vandaan kwam. Voordat de politie kwam werden er nog een paar rake klappen uitgedeeld want het manneke werd nog vervelend ook, de kastelein vroeg aan zijn vrouw “maak es een foto van onze nieuwe vriend”, maar helaas het rolletje was vol, overal rondom de kroeg vlogen de lampen aan en de buren waren natuurlijk nieuwsgierig maar niemand had het lef om te kijken wat er aan de hand was, de politie heeft later de man maar opgehaald en bedankten de heren hartelijk voor het vangen van de inbreker, wel was er een die vroeg hoe het kwam dat hij bloedneus had, “hij is gestruikeld over de drempel”bromde de oudste, maar niet zeuren, gebeurt niet zovaak dat er gelijk een inbreker word overhandigd.
Daar ging de boef met de politie op pad, die had zijn sinterklaasavond/nacht wel anders voorgesteld. Volgende dag ging het verhaal van de inbreker natuurlijk als een vuurtje door het dorp en er werd nog jaren over gepraat.